Thema 3.4: Duurzame en klimaat adaptieve leefomgeving
Het thema Duurzame en klimaat adaptieve leefomgeving gaat over openbare ruimte, energie, afval en circulariteit en de Omgevingswet. Het heeft veel raakvlakken. Zo raakt het de thema’s wonen en economie en de leefkwaliteit in het sociaal domein.
Openbare ruimte (groen & water) | |
|---|---|
Het toevoegen en behouden van bomen, groen en wateropvang is essentieel voor een klimaatbestendige leefomgeving. Hiermee beperken we wateroverlast en hittestress in de bebouwde omgeving. Daarnaast versterken bomen, water en groen de kwaliteit van de openbare ruimte en de biodiversiteit. In het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) staan de kaders voor een klimaatadaptieve, gezonde en duurzame openbare ruimte. Binnen deze kaders krijgt het groen extra aandacht. Structureel snoeien van hagen zorgt voor een verzorgd straatbeeld. Daarnaast zorgen veiligheidssnoei en het verbeteren van groeiomstandigheden voor het behoud van waardevolle bomen. Met een periodieke schouw op de beeldkwaliteit monitoren we objectief de staat van de openbare ruimte. Op verschillende locaties vervangen we het groen. Zo pakken we diverse plantsoenen aan waaronder de parkeerplaats bij de Keulseweg en het noordelijk deel van de Rijksweg. Daarnaast vervangen we bomen op de Glazuurstraat, Sintelstraat, Lambertusdijk, Sint Willibrordusdijk, Kesselseweg en de Eikenbroeklaan. Als uitgangspunt geldt dat we waardevolle groene elementen zoveel mogelijk behouden en versterken. Waar dat nodig is, vervangen we bomen en beplanting. In 2027 ronden we het Water- en Klimaatplan 2028–2032 af, als opvolger van het gemeentelijk rioleringsplan. Het Water- en Klimaatplan geeft richting aan onze inzet op klimaatadaptatie. We sluiten actief aan bij regionale en landelijke projecten om kennis te verbreden en toe te passen binnen onze gemeente. Ook zetten we in 2027 belangrijke stappen in onze grote projecten, waarin klimaatadaptatie, wateropgaven en energietransitie samenkomen. In 2027:
| |
Energie | |
In het eerste kwartaal van 2027 wordt het warmteprogramma afgerond, inwoners krijgen daarmee duidelijkheid over de toekomstige manier van verwarmen, aansluitend wordt gestart met de uitvoering. Daarbij zetten we in op energiebesparing bij inwoners, onder meer via ondersteuning vanuit onze Energiebrigade. Met behulp van beschikbare subsidiemiddelen kunnen ook in 2027 en verder, onder voorwaarden, woningen worden geïsoleerd. Dit doen we in regionaal verband (Meerjarige collectieve ontzorging). Door in te zetten op isoleren wordt de bestaande woningvoorraad duurzamer en wordt een stap gezet richting een toekomstige volledig elektrische (verwarmings)oplossing. Waar het warmteprogramma de koers schetst om richting 2050 van het gas af te zijn, brengt dit rondom netcongestie en elektriciteit uitdagingen met zich mee. Enexis zet zich ook in 2027 in om het elektriciteitsnet te verzwaren in Offenbeek, zodat woningen ook daadwerkelijk over kunnen gaan naar een volledig elektrische (verwarmings)oplossing. Voor gemeente Beesel betekent dit ook de uitdaging om slim om te gaan met de beschikbare netcapaciteit. Netcongestie kan daarnaast ook gevolgen hebben voor woningbouwplannen en economische ontwikkelingen, omdat deze afhankelijk zijn van nieuwe elektriciteitsaansluitingen. Bij nieuwe ontwikkelingen hebben we hier vroegtijdig aandacht voor. In 2027:
| |
Afval & circulair | |
De tussenevaluatie van het Grondstoffenplan 2024 laat zien dat de ingezette koers bijdraagt aan de gemeentelijke ambities op het gebied van afval en circulariteit. De hoeveelheid restafval neemt af, de kwaliteit van gescheiden grondstofstromen verbetert en inwoners hebben het aangepaste inzamelsysteem omarmd. Daarmee blijkt de in 2024 doorgevoerde systeemwijziging effectief en vormt deze een solide basis voor verdere ontwikkeling. In 2027 zetten we de transitie naar een circulaire gemeente voort. Daarbij ligt de focus op het verder optimaliseren van de inzamelstructuur, het stimuleren van duurzaam gedrag en het versterken van hergebruik en afvalpreventie. We investeren in de kwaliteit van grondstofstromen door gerichte communicatie en bewustwording, ondersteunen initiatieven die bijdragen aan reparatie, delen en hergebruik van producten en geven vervolg aan projecten die afvalpreventie bevorderen. Daarnaast werken we verder aan de ontwikkeling van een toekomstbestendige infrastructuur voor grondstoffeninzameling, waaronder de doorontwikkeling van ondergrondse inzamelvoorzieningen en de verkenning van een toekomstbestendig grondstoffenpark. Ook benutten we kansen om circulariteit en biobased toepassingen verder te verankeren binnen gemeentelijke projecten en maatschappelijke voorzieningen. Via samenwerking met regionale en landelijke partners vergroten we kennis, ervaring en innovatiekracht op dit thema. Daarnaast geven we uitvoering aan een nieuw actieplan duurzaamheid voor de periode 2027-2030, waarmee invulling wordt gegeven aan nieuwe ontwikkelingen en beleidsopgaven die zich gedurende de planperiode kunnen aandienen. De komende jaren wordt het taakveld circulaire economie mede beïnvloed door veranderende Europese en nationale wet- en regelgeving. De uitwerking van de herziene Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen en andere ontwikkelingen binnen het afval- en grondstoffenbeleid is momenteel nog in beweging. Hierdoor is nog niet volledig duidelijk welke gevolgen dit zal hebben voor gemeenten, zowel inhoudelijk als financieel. De verwachting is dat gemeenten in toenemende mate een rol krijgen bij het voorkomen van afval en het stimuleren van hoogwaardige verwerking van grondstoffen. We volgen deze ontwikkelingen nauwgezet en spelen waar mogelijk tijdig in op nieuwe kansen, verplichtingen en financiële consequenties. In 2027:
| |
Omgevingswet | |
We zetten in 2027 stevige stappen in de verdere implementatie van de Omgevingswet, met het omgevingsplan als centrale opgave. In een meerjarig traject werken we aan de zoveel mogelijk beleidsneutrale omzetting van het tijdelijk omgevingsplan naar een integraal omgevingsplan dat uiterlijk 1 januari 2032 gereed moet zijn. In 2027 worden voor deze transformatie de eerste inhoudelijke wijzigingen van het omgevingsplan in procedure gebracht. Daarbij borduren we onder andere voort op de omgevingsvisie uit 2026. De beleidskeuzes die daarin zijn gemaakt vertalen we naar regels in het omgevingsplan. Daarnaast starten we met de uitvoering van de omgevingsvisie, onder andere door het Water- en Klimaatplan 2028 - 2032 en in te zetten op bedrijfsverplaatsingen. Het beschikbare budget voor zowel de uitvoering van de omgevingsvisie als voor de ontwikkeling van het omgevingsplan wordt doorgeschoven, zodat we vanaf 2027 invulling kunnen geven aan beide trajecten. In 2027:
|
